Pagina's

vrijdag 20 maart 2020

De Wilp (gemeente Westerkwartier)

De Wilp (Fries: De Wylp) is een dorp in de gemeente Westerkwartier in de Nederlandse provincie Groningen. Het dorp heeft ongeveer 1.650 inwoners. Het ligt zo'n vier kilometer ten zuidwesten van het dorp Marum, op de grens met Friesland waar het overloopt in het dorp Siegerswoude.

(25 april 2011)
De naam van het dorp komt van de weidevogel de wulp dat op het uithangbord van de lokale herberg stond.[web 1] In het Fries wordt deze vogelsoort met wylp aangeduid. De oorspronkelijke bewoners houden vast aan hun eigen taal. De Wilp, Opende, Kornhorn en Marum zijn de enige plekken in Groningen waar tegenwoordig nog Fries wordt gesproken.Het Frysk Wurdboek vermeldt Wylpster langbekken als scheldnaam voor inwoners van de Wilp. Een langbek is ook een ooievaar of een lange lepel.

(1 februari 2017)
De Wilp ontstond in de 19e eeuw, toen Friese arbeiders hier kwamen werken in de vervening. De ontginning van dit gebied was al in de 17e eeuw begonnen, maar vorderde zeer langzaam. Jonkersvaart werd ontgonnen vanuit Zevenhuizen, De Wilp vanuit Friesland. In 1812 telt de Wilp negen huishoudens. In 1839 wordt De Wilp genoemd in een beschrijving van de gemeente Marum:
Onder Marum behoren de gehuchten Malijk, de Wilp, de Haar en Trimunt[...] De inwoners van de Wilp hebben eene houten loods laten timmeren tot eene bijschool, in welke thans door eenen onderwijzer aan omstreeks 50 kinderen onderwijs wordt gegeven

(1 februari 2017)
In 1833 vindt er een grote veenbrand plaats, waarbij ook de Wilp en Jonkersvaart schade oplopen. Bij het herstellen hiervan wordt er voorgesteld een voetpad aan te leggen van Marum naar de Wilp, maar dit plan strandt op bezwaren van de notabelen. Halverwege de 19e eeuw is er wel een zandweg. Eind 19e eeuw wordt er een grindweg naar Marum aangelegd. In 1835 werd er een school gebouwd, die plaats bood aan 90 leerlingen. In 1845 had de Wilp (dorp en buitengebied) 482 inwoners.

(1 februari 2017)
In 1845 en 1846 mislukt de aardappeloogst. Er wordt honger geleden. Om de onrust te bestrijden worden er werkverschaffingsprojecten uitgevoerd, zoals het aanleggen van een weg van Marum naar de Wilp. Halverwege de 19e eeuw wordt er een korenwindmolen gebouwd aan wat nu de Oudemolenweg heet. Omstreeks 1900 werd deze molen afgebroken, en vervangen door een molen in het centrum van de Wilp. Deze brandde in 1918 af, werd hersteld, maar eind jaren veertig van de 20e eeuw definitief gesloopt. Begin 20e eeuw eindigen de verveningen, en ontstaan er kleine boerenbedrijfjes waar fabrieksaardappelen worden verbouwd. (bron: wikipedia)

(1 februari 2017)

(1 februari 2017)

(9 maart 2020)

Den Ham, Piloersemaborg (gemeente Westerkwartier)

De Piloersemaborg of Hamsterborg is een borg gelegen in het Groningse Westerkwartier in het dorpje Den Ham, behorend tot de gemeente Westerkwartier. Het is de laatste boerderijborg in Nederland en is thans in gebruik als hotel.

(30 maart 2016)
De oorspronkelijke borg bevond zich ofwel op dezelfde locatie of op een wierde op ongeveer 100 meter ten zuiden van de huidige borg. De herkomst van de naam Piloersemaborg is onbekend. In 1448 wordt echter wel een zekere Lubbe Pylosum genoemd zonder precieze woonplaats en in 1455 ene Datho Pijloetsem, waarvan vaststaat dat hij nabij Den Ham woonde.

(21 april 2011)
De borg duikt voor het eerst op in 1521 als onderdeel van een erfboedelscheiding, waarbij het als boerderij toekwam aan Tziado Jensema, een pastoor uit Oldehove, die het erfde van zijn vader Rembt Jensema. In 1567 trouwde zijn dochter Dorothea Jensema met Johan de Mepsche, een protestantse hoofdeling in Oldehove (niet te verwarren met zijn neef Johan de Mepsche, die Spaansgezind was) die in 1580 toen de stad Groningen voor de Spanjaarden koos vluchtte naar de Hanzestad Danzig (tegenwoordig: Gdańsk in Polen). Hij zou volgens Harry de Raad verantwoordelijk zijn geweest voor de omvorming van de boerderij naar een borg. Bij zijn dood in 1588 kreeg zijn zoon, eveneens Johan de Mepsche (Johan de jongere) genaamd, de borg in handen. Hij overleed in 1598 zonder getrouwd te zijn geweest en de borg, die waarschijnlijk zwaar geleden had onder de oorlogshandelingen en waarvan mogelijk nog weinig resteerde (de koopakte sprak slechts over singels, grachten en 'gebroecken steen'), kwam via gerechtelijke verkoop in handen van een van zijn broers, Frederik.

(21 april 2011)
Deze Frederik de Mepsche was getrouwd met Oede Entens van de borg Harssens bij Adorp en zijn zoon, wederom Johan de Mepsche genaamd, liet een nieuwe borg bouwen of de oude verbouwen. Een gevelsteen met de wapens van De Mepsche en zijn vrouw Aijlke tho Nansum vermeldt "den 23 marty anno 1633 is gelecht de erste steen vant huis toe Piloersma op den Ham"[1]. In 1648 stierf hun enige dochter zonder kinderen en werd de borg na de dood van Johan rond 1653 vererfd aan zijn achterneef, wederom Johan de Mepsche geheten en zijn vrouw Agnes Gruis. Zij gingen echter in Aduard wonen en verhuurden de borg aan een boerenechtpaar.

(30 maart 2016)
Deze Frederik de Mepsche was getrouwd met Oede Entens van de borg Harssens bij Adorp en zijn zoon, wederom Johan de Mepsche genaamd, liet een nieuwe borg bouwen of de oude verbouwen. Een gevelsteen met de wapens van De Mepsche en zijn vrouw Aijlke tho Nansum vermeldt "den 23 marty anno 1633 is gelecht de erste steen vant huis toe Piloersma op den Ham"[1]. In 1648 stierf hun enige dochter zonder kinderen en werd de borg na de dood van Johan rond 1653 vererfd aan zijn achterneef, wederom Johan de Mepsche geheten en zijn vrouw Agnes Gruis. Zij gingen echter in Aduard wonen en verhuurden de borg aan een boerenechtpaar.

(30 maart 2016)
Tijdens de Franse tijd komt de borg in het bezit van Cornelis Boelens, die tussen 1813 en 1822 ook burgemeester van Aduard was. In 1837 werd Tonnis Bartelds Wieringa ("Tun van Beswerd") en daarmee de familie Wierenga de nieuwe eigenaar. Tussen de borg en de schuur bevindt zich een eenlaags tussenhuis uit de 19e eeuw. In 1870 zijn de ruimtes aan de voorkant door de Wierenga's in neoclassicistische stijl verbouwd en ingericht. De laatste Wierenga's, Jan Tonnis Wierenga en zijn vrouw Cornelia Jantina Hilda Geertruida Wierenga-Van der Valk kregen geen kinderen en overleden beiden in 1991. Bij testament van Cornelia Jantina Hilda Geertruida Wierenga-Van der Valk werd de borg overgedragen aan een in 1986 door haar opgerichte stichting, de Wierenga van Hamsterborg Stichting. De borg verkeerde in slechte staat en de stichting verkocht een aantal landerijen om geld te kunnen opbrengen voor een grondige restauratie, die tussen 1998 en 1999 plaatsvond met gelden van onder andere het LEADER-programma, staatssecretaris Nuis, Rabobank en de toenmalige gemeente Zuidhorn. De borg werd verbouwd tot een hotel met zalenruimte en wordt als zodanig geëxploiteerd.
(bron: wikipedia)

(30 maart 2016)

(30 maart 2016)

(30 maart 2016)

(30 maart 2016)

(30 maart 2016)

(30 maart 2016)

Den Ham, Kerkje Harkema (gemeente Westerkwartier)

Kerkje van Harkema is de benaming van een kerkje midden in het Groningse land, in de driehoek van Aduard, Den Ham en Fransum. Deze trekpleister is gelegen in het Nationaal Landschap Middag-Humsterland.

(22 augustus 2011)
Het kerkje is in de late twintigste eeuw gebouwd door wijlen boer Albert Harkema en vrijwilligers. De naburige boerderij staat op een plek waar in het verleden een boerderij heeft gestaan die van het klooster van Aduard was. Naar eigen zeggen heeft dat Harkema mede geïnspireerd om in zijn vrije tijd eerst de gracht om zijn boerderij uit te diepen en te vergroten (een karwei dat hem ruim 30 jaar kostte), vervolgens een miniatuur te maken van een kop-hals-rompboerderij en ten slotte zijn levenswerk te maken; een kerk, compleet met orgel (uit IJhorst), preekstoel, kerkbanken, Mariabeelden en andere toebehoren. Aanvankelijk wilde hij alleen een toren bouwen (voor de duiven). Vervolgens leek hem een kapelletje ook wel mooi, maar uiteindelijk besloot hij tot de bouw van de kerk. De bouw van deze kerk duurde 13 jaar. De 12.000 benodigde stenen liet Harkema overkomen uit België. Later bouwde hij er ook nog een theehuis bij in de stijl van de kloosterkerk van Aduard, dit alles overigens zonder vergunningen en ook na een opgelegde bouwstop.

(21 september 2016)
Het kerkje werd echter een grote toeristische trekpleister met op den duur enkele tienduizenden dagrecreanten per jaar (niet op de laatste plaats door Harkema's eigen aanwezigheid; hij was een enthousiast verteller), waarop de Gemeente Zuidhorn besloot Harkema in een nieuw bestemmingsplan meer mogelijkheden te geven (door het te bestempelen als recreatieve functie)[1] en om de toegangsweg (een betonnen landweg) te verbreden.

(21 september 2016)
Na het overlijden van zijn vrouw, gevolgd door de ziekte van Harkema, werden de boerderij, kerk en theehuis verkocht aan de familie Ykema. Sindsdien worden het kerkje en het theehuis geëxploiteerd.
Rondom het kerkje en het theehuis bevindt zich een gracht met verschillende bruggen, zoals een ophaalbrug, stenen boogbrug en een draaibrug. In de grote vijver staat onder andere een miniatuur vuurtoren. (bron: wikipedia)


Den Ham, Kerk van Fransum (gemeente Westerkwartier)

De kerk van Fransum is een romaans kerkje dat oorspronkelijk dateert uit de middeleeuwen, in het dorp Fransum in de Nederlandse gemeente Westerkwartier.

(21 september 2016)
Bij een bodemonderzoek in 1948 werd vastgesteld dat de kerk geen voorgangers heeft gehad. Het kerkgebouw bestaat uit een zaalkerk met een schip van 2 traveeën en een driezijdig gesloten koor. De kerk werd opgetrokken in het begin van de 13e eeuw, hetgeen onder andere zichtbaar is aan de nog oorspronkelijke korfboogvorm van de later dichtgemetselde noordelijke toegang en aan de smalle lisenen. Het schip is het oudste deel van de kerk. Het koor en de westgevel zijn de jongste delen. In het gebouw zijn aanwijzingen gevonden dat het koor oorspronkelijk iets smaller was en recht gesloten is geweest, vergelijkbaar met de huidige kerk van Hoogkerk. Het wordt waarschijnlijk geacht dat de kerk vroeger overwelfd geweest is, maar het is onzeker wanneer deze gewelven verwijderd zijn. Het koor werd net als de kerk van Leegkerk en op dezelfde wijze verbouwd in het 2e kwart de 16e eeuw, waarschijnlijk nadat beide kerken beschadigd waren geraakt door oorlogshandelingen tijdens de Saksische Vete of de Gelderse Oorlogen. Mogelijk werd toen ook de westgevel met een (later dichtgemaakt) spitsboogvenster toen opnieuw opgetrokken, maar dit is onzeker. Tevens werden bij deze verbouwing een aantal tweemaal versneden steunberen geplaatst bij het koor.

(11 maart 2017)
De kerk heeft een dakruiter uit 1809, die wordt ondersteund door een standvink met schoren. Later werd hier omheen een muur gemetseld, die de kerk sindsdien verdeeld in een voorportaal en de kerkruimte zelf. De dakruiter bestaat uit een bijzondere constructie, die echter wel vaak onderhoud nodig heeft.[1] De oorspronkelijke kerkklok, die in 1704 gegoten was door Mammes Fremy, werd in 1942 geroofd door de Duitse bezetter. In 1999 werd hiervoor in de plaats een klok uit 1958 uit de Salvatorkerk van Beverwijk geplaatst. Naast de klok hangt er ook een achtkantige lantaarn in de dakruiter. (bron: wikipedia)

(21 september 2016)

(21 september 2016)

Den Ham, Kerk van Den Ham (gemeente Westerkwartier)

De kerk van Den Ham is gelegen aan het einde van een doodlopende weg in het dorp Den Ham in de gemeente Westerkwartier. De kerk dateert in zijn huidige vorm uit de 18e eeuw.

(30 maart 2016)
De kerk is gelegen op het kerkhof op een hoger gelegen oude oeverwal, die buiten de dijk ligt, waarlangs Den Ham is ontstaan. Naast de kerk staat de oude pastorie. Oorspronkelijk stond in het dorp een kapel van het klooster van Aduard, maar behoorde de kerkgemeente tot Fransum. In 1555, toen Den Ham een eigen gemeente werd, werd de kapel vervangen door een kerk, die in 1633 een toren kreeg. In de 17e eeuw werd Den Ham hervormd. In 1729 werd de kerk herbouwd met materiaal van de oude kerk.

(30 maart 2016)
In 1851 werd ontdekt dat zich onder het priesterkoor een grafkelder bevond, die eigendom was van de familie De Mepsche, die vroeger de Piloersemaborg bezat, maar niet de macht in het dorp (dat was in handen van Aduard). Na een brand door een blikseminslag in 1911 werden in 1912 de dakruiter en westgevel vernieuwd. In 1973 ging de kerk samen met die van Aduard. In 1978 werd het kerkje eigendom van de Stichting Oude Groninger Kerken, die het in 1997 ingrijpend liet restaureren.

(30 maart 2016)
De driezijdig gesloten zaalkerk wordt bekroond door een dakruiter met aan elke kant een galmgat en aan de top een windhaan. De houten traceringen uit de rondboogvensters dateren waarschijnlijk van 1912. In de kerk staan vier herenbanken uit de 18e en 19e eeuw, waarvan een fraai houtsnijwerk bevat uit ongeveer 1750. De rest van de banken en de preekstoel dateren uit de vroege 19e eeuw. Op de bodem van de kerk liggen een 25-tal grafzerken, die voornamelijk uit de 17e en 18e eeuw dateren, maar waarvan de oudste uit 1573 dateert. Het eenklaviers kerkorgel met zes registers werd gemaakt door Jan Doornbos in 1898 en bevat ouder pijpwerk. (bron: wikipedia)

(30 maart 2016)

Den Ham, Fransumer Voorwerk (gemeente Westerkwartier)

Fransumer Voorwerk is een gehucht in de gemeente Westerkwartier in de Nederlandse provincie Groningen. Het ligt ten zuidoosten van de wierde Fransum.Het gehucht bestaat uit een wierde met daarop de boerderijen Bellevue en de Jong, die op de plaats liggen waar het klooster van Aduard in de middeleeuwen een voorwerk heeft gehad. Iets naar het zuiden ligt Aduarder Voorwerk, ook gesticht als een uithof van het klooster.

(11 maart 2017)
De wierde ligt op een oude kwelderrug en heeft een omtrek van ongeveer 225 meter en een hoogte van ongeveer 2,78 meter boven NAP. De wierde is afgegraven aan noordoost- en zuidoostzijde. In de wierde zijn sporen van bewoning uit de Romeinse tijd gevonden. Sporen uit de middeleeuwen ontbreken, wat erop wijst dat de wierde mogelijk een tijdlang verlaten is geweest. (bron: wikipedia)

(22 augustus 2011)

(11 maart 2017)

(11 maart 2017)

Den Ham, Fransum (gemeente Westerkwartier)

Fransum (Gronings: Fraansum) is een oud kerkdorpje in de gemeente Westerkwartier in de Nederlandse provincie Groningen. Het dorp bestaat uit de romaanse kerk van Fransum, een boerderij en een huis. Vanaf Den Ham loopt een smalle weg naar de wierde, waarvan het laatste gedeelte onverhard. Over de wierde loopt van noord naar zuid een oude dodenweg. Vanuit Fransum liepen vroeger kerkpaden naar Aduard, Altenaauw, Beswerd en Den Ham. Veel van deze paden bestonden uit kleipaden, of met Friese geeltjes of Groninger baksteen verharde stenen paden. Bijna al deze paden zijn later verdwenen bij perceelsvergrotingen, maar een aantal is hersteld als fietspad. De dichter C.O. Jellema heeft een van zijn gedichten gewijd aan het kerkje. Schilder Henk Helmantel heeft in 1979 de preekstoel geschilderd. Even ten zuiden van de wierde heeft een plaatselijke boer een eigen kerkje, het Kerkje van Harkema gebouwd.

(7 mei 2019)
De betekenis van Fransum is waarschijnlijk 'heem' (woonplaats) 'van Frank'. Dit wordt afgeleid uit de oudste vormen Franchim en Franchem (1285). De oudere verklaring van Wobbe de Vries dat de naam Fransum zou zijn afgeleid van Frankhem en zijn verbasterd tot Frankshem lijkt onwaarschijnlijk. Hij vergeleek de naam met Saaksum en Englum en stelde dat er tijdens de grote volksverhuizingen waarschijnlijk 'vreemden' zijn meegekomen: Fransum zou dan slaan op de Franken, Engelum op de Angelen en Saaksum op de Saksen. Dit zou echter betekenen dat er een verandering van de naam optrad van Frankheim direct naar Fransheim zonder een tussenvorm Frankisheim, hetgeen vreemd zou zijn.

(11 maart 2017)
Fransum ligt op een wierde in het voormalige schiereiland Middag in het Westerkwartier en lag vroeger tussen de Kliefsloot (zee-inham) in het westen en de Middagsterriet (Feerwerdertocht) in het oosten. Aan noordzijde stroomt nog altijd de Fransumertocht. De wierde heeft tegenwoordig een hoogte van ongeveer 3,4 meter boven NAP en een diameter van ongeveer 275 meter. Rondom de wierde ligt een restant van de oude ringsloot. Het ontstaan van de wierde is zowel in de IJzertijd/Romeinse periode als in de middeleeuwen (5e tot 8e eeuw) gedateerd. In de jaren 1970 werden er inheems Romeinse en middeleeuwse scherven aangetroffen in de bodem. Bij opgravingen ter voorbereiding op de restauratie van de kerk in 1948 werden graven van aangetroffen die gezien hun afwijkende oriëntatie mogelijk tot een kerkhof behoorden van voor de stichting van de kerk in de 13e eeuw. De wierde is deels afgegraven in het noordwesten, zuidwesten en zuidoosten

(21 februari 2015)
De landerijen in het kerspel Fransum waren vroeger voor 90% in handen van het klooster van Aduard en Fransum was daardoor waarschijnlijk volledig afhankelijk van dit klooster. Het kon zich daarom niet ontwikkelen tot een dorp. Ook na de reductie, toen de kloosterlanderijen in handen van de provincie kwamen, gebeurde dit niet doordat rond de ruïnes van het vroegere klooster het dorp Aduard ontstond en de bevolking zich niet vestigde in het afgelegen Fransum, dat te midden van de natte hooilanden lag en in de winter soms nauwelijks te bereiken was. De kerk werd toen een 'provinciale kerk', wat wil zeggen dat de provincie Groningen de zorg voor de kerk op zich nam. Het kerspel van de kerk omvatte in de middeleeuwen ook het dorpje Den Ham, maar in 1555 splitste de Den Ham zich af van Fransum. Na de reductie werd Fransum eerst in 1606 gecombineerd met de kerk van Feerwerd, vervolgens met Aduard. In 1611 werd de kerkgemeente weer gecombineerd met Den Ham, wat tot heden zo gebleven is.

(21 september 2016)
Rond 1843 stonden er in het hele kerspel 29 huizen, waar ongeveer 170 mensen woonden. Twee huizen hiervan stonden (en staan) op de wierde, waar toen ongeveer 20 mensen woonden. Deze twee huizen staan ook nu nog op de wierde. Fransum had vroeger ook een school, die echter al in 1618 werd samengevoegd met (en overgebracht naar) die van Den Ham. Ook de pastorie bevond zich aldaar. (bron: wikipedia)